Mexico
Bij nieuwe, jonge rassen is de ontstaansgeschiedenis soms redelijk te achterhalen. Bij een oud ras zoals de Chihuahua, of zoals de inheemse bevolking zegt: Chihuahene, is dit zeer moeilijkt tot vrijwel onmogelijk. Naar aanleiding van vondsten van archeologen is er soms nog een stukje van de geschiedenis te herleiden.
Eenvoudig is dit niet, omdat rassen aan veranderingen onderhevig zijn. Door opgravingen weet men, dat er in Mexico al vijfduizend jaar geleden honden voorkwamen. Het zou om haarloze hondjes gaan, waarvan de teefjes werden gebruikt voor de fok, terwijl de reutjes werden vetgemest en op de markt werden verhandeld als consumptie artikel.
Een enkele keer treft met nog haarloze pups aan. Dit zijn blauwe exemplaren die geheel kaal zijn. Zij het blauwe dieren met een andere kleur erbij dan hebben ze alleen kale plekken.
Het krijgersvolk de Tolteken had kleine dieren, Techichi, die zij offerden bij ceremoniën. Deze dieren kwamen al elf eeuwen geleden voor. Of het hondjes of andere kleine dieren waren is in sommige boeken niet geheel duidelijk. De geeschiedenis verhaalt dat zij niet blaften en dat doet sommige auteurs twijfelen of het inderdaad hondjes waren. Daarnaast blijkt dat de eerste Europeanen die melding maakten over hun ontdekkingsreizen het niet zo nauw namen met de benamingen van dieren.
Erg oud werden ze niet op deze manier. Moesten ze niet mee de dood in als hun meester strierf, dan werden ze wel gebruikt als offerande of als voedsel. In een maatschappij waar ook mensenoffers heel gewoon waren, waren dierenoffers zeker gewoon te noemen.
MontezumaII, die de laatste heerser van de Azeteken was zou honderden Chihuahua's in zijn paleis hebben gehad. In 1848 verkocht dictator generaal Antonio de Padua María Severino López de Santa Anna Y Pérez de Lebrón (21 februari 1794 - 21 juni 1876) Noord Mexico aan de Verenigde Staten.
Ook Santa Anna was de trotse eigenaar van goudkleurige Chihuahua's. toen hij op 2 april 1836 verslagen werd bleek dat hij zijn hondjes mee naar het slagveld had genomen.
Tijdens de Spaanse verovering van Mexico in de 13e tot 15e eeuw zouden de hondjes noodgedwongen in het wild hun bestaan voortgezet hebben om aan slachtingen waren waarschijnlijk niet geïntresseerd in honden als zodanig, misschien wel als bron van voedsel.
In de staat Chihuahua, in het zoudelijk deel heben zo lang de bewoners het zich kunnen herinneren Chihuahua's geleefd. Bij deze hondjes treft met de elegante pootjes met klauwachtige nagels aan, de oren zijn vrij groot te noemen. Ook hebben ze de fontanel, de platte gehaarde staart en grote ronde ogen. Dergelijke klauwachtige voetjes zijn zeer nuttig bij het lopen op zand, in de woestijn dus.
Malta
In 1482 schilderde Botticelli een fresco in de Sixtijnse kapel. Deze fresco stelt de vlucht van de Israëlieten uit Egypte voor. Het hondje dat hierop staat afgebeeld, zou heel goed een Chihuahua kunnen zijn. De oplettende lezer beseft nu dat deze fresco van tien jaar eerder dateert dan dat Columbus Amerika zou gaan ontdekken. Hiermee scoort de Malta theorie dan hoge ogen.
China
Grote oren
Waarschijnlijk is dit ook de reden dat de Chihuahua het slen koud heeft in ons klimaat. Het bloed dat door de oren stroomt koelt snel af en "koel" bloed stroomt het lijfje in.
(Deze tekst komt uit het boek: Chihuahua van OverDieren - http://overdieren.nl)
Hiertegen valt aan te voeren dat er in 1500 een klooster in Huejotzingo bvan de Franciscaner monniken bekend is, waar een in steen uitgehouwen hondje te zien was dat sterk op de Chihuahua lijkt. Dit klooster werd gebouwd met materiaal van de Cholula piramides die dateerden uit de tijd van de Tolteken, wat zo mogelijk zou aantonen dat de Techihchi wel degelijk hondjes waren.
Opmerkelijk is dat alleen gele honden geschikt werden geacht als begeleider voor een veilige reis door het dodenrijk. De grote ogen waren uitermate belangrijk om alles in de onderwereld goed te kunnen zien. Ook bij een geboorte of huwelijk speelden de hondjes een rol. Een uitstekende verzorging van de hondjes was dan ook heel belangrijk.
Over de geografische mogelijkheden en onmogelijkheiden is veel gefilosofeerd. de Azteken zouden namelijk niet noorderlijk genoeg geweest zijn om de hondjes mee te nemen en voor de hondjes zelf zouden de afstanden e groot zijn. Zij hebben echter ook een normadisch bestaan geleid, dus onmogeleijk is het niet.
kijken we in het noorden van Mexico, dan treffen we een type hond aan, dat zwaardere botten heeft en korter op de poten staat. De Azteken hadden meerdere soorten honden, de Spanjaarden kunnen toy spaniëls hebben achtergelaten, maar echt voor de hand ligt dit niet.
Rond 1968 kwam Mrs Eileen Goodchild met een wereldprimeur. Ze had een artikel geschreven over de bevindingen van enkele archeologen dat de Chihuahua al zo'n 2650 jaar geleden vanuit Egypte naar Malta zou zijn gekomen. In Egyptische graven (uit de tijd dat de Romeinen in Egypte waren) had met mummies van kleine hondjes gevonden.
Opvallend hieraan was de dchedelfontanel zoals we die kennen bij de Chihuahua. Opmerkelijk is dat er nu op het eiland Malta nog steeds Chihuahua achtige hondjes te vinden zijn. Zeelieden zouden voor een verdere verspreiding gezorgd hebben. Ook is het heel leuk om te zien hoe veel droge net geboren Maltezer pup op een droge net geboren witte Chihuahua pup lijkt.
In de Holinshed cronicles uit de tijd van de Tudors (1485 - 1603) vermeldt de schrijver een hondenras van Malta. Hij bbeschrijft ze als: "hoe kleiner hoe beter ze gewaardeerd worden, vooral als ze een fontonel heben; ze staan bekend als Maltese zakhondjes".
Ook wordt beweerd dat inwoners van Cartagena reeds negen eeuwen geleden kleine hondjes naar Malta meenamen vanuit Noort Afrika. Hiermee is de theorie over de Fennek een optie.
Ook China wordt wel genoemd als moglejk vaderland van de chihuahua. Men stelt dat hier een kultuur heerste van het kweken van miniatuur planten en het fokken van kleine dieren. Een sterkere aanwijzing zou de platte staart zijn, die we ook aantreffen bij de Japanse spaniël en de Chinese Pekinees.
De Chihuahua heeft erg grote oren. Dergelijke grote oren zijn typerend voor woestijndieren. Dieren kunnen niet transpireren zoals de mens dit kan om warmte kwijt te raken. Via de grote orden wordt het bloed gekoeld.
Misschien is de koude ook verantwoordelijk geweest voor het hoge aantal sterfgevallen van hondjes in quarantaine in Engelandd. Als we proberen de link te leggen tussen de grote orden en een plaats van herkomst dan is Mexico toch echt de meest voor de hand liggende keuze.